06 oktober 2022 

Schroef- en roerwerking

Schroef- en roerwerking

Wanneer dat je nauwkeurig wil varen en een schip wil manoeuvreren moet je het één en ander weten over de schroef- en roerwerking van een schip. Welk effect heeft een schroef op het varen en wat doet het roer als je gaat varen? De verschillende type schroefaandrijvingen lichten we daarom nader toe in dit artikel. Ook het uitvoeren van manoeuvres met een schip komt hier aan bod. Deze informatie is voor jou allemaal van belang om je eigen te maken zodat je zorgeloos op kunt voor je vaarbewijs. Aan het einde van dit artikel vind je daarom nog een aantal oefenvragen (en antwoorden) zodat je direct na kunt gaan of dat jij alles over de schroef- en roerwerking beheerst. 

 

Inhoudsopgave

 

 

Schroefaandrijving

Bij de schroefaandrijving heb je vier verschillende soorten aandrijvingen en die lichten we hieronder toe:

  1. Vaste schroefas. Hierbij is de schroef vastgemaakt aan een schip en beweegt dan ook niet. Je gaat middels een roer sturen en de motor bevindt zich hierbij dan ook binnenboord. 
  2. De buitenboordmotor. Hierbij is de motor bevestigd aan de buitenzijde van het schip. Je vindt de schroef aan de buitenboordmotor en er wordt gestuurd met de buitenboordmotor.
  3. Hekaandrijving. Hierbij is de schroef vastgemaakt aan de achterzijde van je schip en beweegt ook. Er wordt gestuurd met de schroef en je vindt de motor binnenboord. 
  4. Waterstraalaandrijving. Hierbij wordt een schip aangedreven door de waterstraal. Je kunt hierbij dan sturen door de waterstraal naar links of naar rechts te sturen (bewegen). 

 varen

Schroefwerking, het principe

Een schroef kan meestal links of rechtsom draaien en wat je het meeste tegen gaat komen is dat hij rechtsom kan draaien. Als je achteruit gaat varen dan zal je merken dat de rechte schroef linksom gaat draaien. Wil jij je schip vooruit laten bewegen dan heb je een gebogen schroefblad nodig. 


Je gaat met een schroef vooruit of achteruit varen en dan merk je dat een schip niet alleen naar voren maar ook naar de zijkant zal bewegen. Dit noemen ze een wieleffect. Dit komt door een gebogen schroefblad. Het water zal dan bij het draaien van de schroef naar achteren worden geduwd en ook naar de zijkant. Maar let op want op het moment dat de schroef vooruit en linksom gaat draaien dan zal je een afwijking naar rechts krijgen. Je moet dan een beetje bijsturen en dan is er niets aan de hand. 

 

Roerwerking, het principe

Als je een schip hebt met een vaste schroefas dan wil dat zeggen dat de schroef voor het roer vast zit. Het water wordt dan middels de schroef naar het roer gestuurd en het water zal dan ook een bepaalde kracht uitoefenen op het roer zelf. Dit is de roerdruk en dit kan zorgen voor een sturend effect of voor een remmend effect. 

 

Keren en draaien van je schip

Je moet goed je eigen draaicirkel weten als je je schip wil keren of draaien. Als jij een rechtsom draaiende schroef hebt dan gaat het wieleffect ervoor zorgen dat jouw achterkant naar de rechterkant gaat en het voorschip gaat dan naar links. Dit wil dus zeggen dat de draaicirkel over bakboord korter zal zijn dan de draaicirkel over stuurboord. Dit zorgt ervoor dat jij goed kunt keren in ruim vaarwater. 

 

Je moet in ruim vaarwater altijd gebruik maken van het wieleffect en van de korte draaicirkel als je wil keren. Je moet hierbij eerst nagaan of je schroef rechtsom of linksom draait. Je draait dan je roer scherp (dus op meer dan 45 graden) en dan naar de kant waar de schroef naar toe draait. Let op dan moet je nog geen gas geven! Vervolgens geef je wel gas en dan keer jij je schip en dan vaar je bijna niet vooruit. Blijf hierbij wel altijd goed kijken naar je omgeving, want je moet veilig kunnen keren! 

 test

Stel dat je wil keren in smal vaarwater, dan lukt dat vaak niet in één keer omdat er te weinig ruimte is. Je moet daarom vaak achteruit varen om je schip te kunnen keren. Let hierbij weer goed op en begin met vast te stellen of dat je schroef rechtsom of linksom draait. Als hij rechtsom draait dan begin je aan de bakboordkant van het water en dan stuur jij eerst scherp naar stuurboord. Bevind je je nu bijna tegen de stuurboordwal dan zet je je motor in zijn achteruit en dan stuur je naar bakboord toe. Je past het wieleffect toe en dan zal het achterschip naar de linkerkant worden getrokken en dan ben je ook sneller gekeerd. 

 

Manoeuvreren

Het kan zijn dat jij met een hekaandrijving of met een buitenboordmotor vaart dan heb jij dus geen roer. Het zijn daarom erg wendbare schepen en ze hebben dan vanzelfsprekend ook minder last van een wieleffect. Maar wat doe je als de motor uitvalt? Inderdaad dan heb jij een probleem. Wanneer je wil keren met de hekaandrijving of buitenboordmotor dan doe je dat hetzelfde als wanneer je een roer zou hebben. Maar let op want heb jij twee buitenboordmotoren en dan dus ook twee schroeven, dan wordt een wieleffect opgeheven want dan draait de ene schroef rechtsom en de andere schroef linksom. Je kunt je schip wel sneller een korte bocht laten maken, en dat doe je door de buitenste schroef sneller te laten draaien dan de binnenste. 

 

Zuiging

Om je schip vooruit te laten varen zullen de schroef en het roer zich in het water moeten verplaatsen in een bepaalde richting. Maar andere schepen zullen deze waterverplaatsing ook voelen. Daarom moet je alert zijn op zuiging, want de boeggolf en de hekgolf van een schip zorgen samen met het wegvallen van de wind in de luwte van een ander schip voor de zuiging. Dit ga je met name merken wanneer dat je een groot schip oploopt of gaat passeren. Zuiging kom je ook tegen in de sluis. Let er daarom goed op dat je niet te dicht langs de muur gaat varen als je een sluit in gaat varen. 

 

Bij passeren vanuit tegenovergestelde richting van een groot schip ga jij door de boeggolf van een groot schip meer snelheid krijgen. Daarbij geldt dat hoe hoger een boeggolf is hoe meer snelheid jij krijgt. Maar let op want je wordt hierdoor ook naar het grote schip gezogen. 

 

Bij het oplopen van een groot schip zal de hekgolf van dat grote schip je wegduwen. Het gevolg is dat jij naar het grote schip toe wordt gezogen en daarvoor moet je heel goed opletten!

 

In nauw vaarwater krijg je ook te maken met zuiging. Daar hoeft dan geen ander schip bij betrokken te zijn. Je krijgt er namelijk mee te maken wanneer dat je niet in het midden van het vaarwater blijft varen.  

 

 

Schroef- en roerwerking oefenvragen

 

Oefenvraag 1: Bij een vaste schroefas is de schroef vastgemaakt aan een schip en deze beweegt dan wel of niet?

  1. Deze kan wel bewegen 
  2. Deze kan niet bewegen

 

Oefenvraag 2: Stel je schroef draait rechtsom dan heb je door het wieleffect bij het vooruit varen:

  1. Een afwijking naar rechts
  2. Een afwijking naar links
  3. Geen afwijking

 

Oefenvraag 3: Als je achteruit gaat varen is dan het wieleffect groter of juist kleiner?

  1. Groter
  2. Kleiner
  3. Maakt niet uit. 

 

Oefenvraag 4: Als je wil keren in een ruim vaarwater dan wil je graag de draai zo kort mogelijk houden. Als de schroef van je schip dan linksom draait, welke kant zal hij dan opdraaien?

  1. Rechtsom
  2. Linksom
  3. Maakt niet uit. 

 

Oefenvraag 5: Als je een groot schip wil oplopen, waar moet je dan rekening mee houden?

  1. Zuiging
  2. Boeggolf en zuiging
  3. Hekgolf, boeggolf en zuiging  

 

 

Antwoorden oefenvragen

 

Antwoord oefenvraag 1: 

 

Bij de vaste schroefas is de schroef vastgemaakt aan een schip en beweegt dan ook niet.

 

Antwoord oefenvraag 2

 

Stel je schroef draait rechtsom dan heb je door het wieleffect bij het vooruit varen een afwijking naar links.

 

Antwoord oefenvraag 3

 

Als je achteruit gaat varen is dan het wieleffect groter.

 

Antwoord oefenvraag 4

 

Als je wil keren in een ruim vaarwater dan wil je graag de draai zo kort mogelijk houden. Als de schroef van je schip dan linksom draait, dan zal hij rechtsom draaien. 

 

Antwoord oefenvraag 5 

 

Als je een groot schip wil oplopen dan moet je rekening houden met de hekgolf, boeggolf en zuiging.  

 

 

Nog meer oefenen?

Wil je oefenen om te kunnen slagen voor het vaarbewijs? Doe dan de vaarbewijs cursus van Turbo Vaarbewijs. Met de vaarbewijs cursus kun je tegen een vergoeding levenslang de belangrijkste onderdelen van het vaarbewijs onbeperkt oefenen. Op die manier zorg je er voor dat je beter presteert bij het CBR examen en je zult hoger scoren bij de verschillende onderdelen. Bekijk hieronder 👇 onze trainingspakketten.

 

 

 

 

vaarbewijs 1 cursus
€ 154,-
€ 97,-
  • Na de aankoop direct toegang
  • life time toegang
  • Onze klantenservice staat voor je klaar
  • Meer dan 361 tevreden klanten gingen u voor

(prijs zal binnenkort weer stijgen)

Twijfel je nog? Geen risico met onze 30 dagen 'niet goed-geld terug garantie'!

''Geweldig, de 12 valkuilen heeft mij heel ver geholpen tijdens het theorie examen voor mijn vaarbewijs. Het e-book geeft heel veel waardevolle informatie, wat heel nuttig zal zijn tijdens het halen van je vaarbewijs.'' 

- Arjen Vermeulen

''Het is me gelukt! Dankzij jouw trainingen heb ik eindelijk mijn vaarbewijs gehaald. Ik heb ook veel aan jouw e-book gehad, de valkuilen waren heel herkenbaar. Bedankt voor de informatie!''
Het pakket b die wij aanbieden om jezelf voor te bereiden op het vaarbewijs
- Marc Verbeek
''Ik heb eindelijk mijn vaarbewijs, ik heb heel veel aan jouw gratis e-book gehad, daar wil ik je voor bedanken. Ik heb gelukkig de valkuilen kunnen voorkomen, wat ook de bedoeling was!''
een foto van een man die een reactie heeft achter gelaten over ons e-book van vaarbewijs
- Joost Groenveld